vrijdag 31 december 2010

Ready for 2011, ready for the big Sydney fireworks !!!

A Small Nest is anchored at a perfect spot to see the Sydney fireworks.

IMGP2612

New Year Spot

zondag 26 december 2010

Start Sydney Hobart Race

Samen met Sea Level naar de start van de Sydney-Hobart Race gaan kijken. Onvergetelijk!

donderdag 23 december 2010

Merry Christmas and a happy New Year !

Sepke, Ward, Flor, Haïke and Willem

wish you a very happy Christmas

and a crazy New Year !

IMGP2040 Ward Flor Haike Willem

 

Onze Kerst- en Nieuwjaarswensen hebben we dit jaar ook in een videootje verpakt (zie onderaan).

Een versie van de Aussie Jingle Bells brought to you by A Small Nest Entertainment! (aan de gitaar: Jim, Frank & Willem, zang: Frank).

Maar… Eerst een beetje uitleg vooraf over de typisch Australische woorden die erin voorkomen:

Holden Ute

Holten Ute: Holden is een Australische Opel. Een Ute is een sedan pick up (geen pick up truck). Een echte johnnybak hier.

 

Esky

 clip_image004Een grote draagbare frigobox

Kelpie

clip_image005Een Australische hond

Singlet 

clip_image006Een ‘marcelleke’

Thongs

clip_image007Teenslippers (geen string)

Swaggie

· clip_image009Afkorting voor ‘swagman’: een zwerver met rugzak

 

Here we go:

 

Prettige feesten, allemaal!

‘t Nest

woensdag 22 december 2010

Sydney, de eerste week

Een week in Sydney ondertussen, en nog niks gepost. We krijgen klachten, en we laten dus even ons ‘no worries’ Aussie gevoel los en gaan achter de computer zitten met een Europees schuldgevoel ;-).

Maar terecht. Here we go.

Nadat we onder de brug gevaren zijn en voor het operagebouw onze ‘fancy pictures’ genomen hebben zijn we gaan ankeren in Rushcutters Bay. Ankeren hebben ze hier in heel Sydney geweldig moeilijk gemaakt omdat ieder ankerplaatsje ingenomen wordt door moorings (dikke betonblokken met een stevige koord en een boei aan). Die zijn meestal eigendom van iemand en je weet nooit hoe stevig of hoe zwaar die zijn. Zo’n boeien oppikken is dus geen gerust gevoel (ofwel niet sterk genoeg ofwel komt er iemand je ervan jagen), en het is geweldig moeilijk om nog een plaatsje te vinden om te kunnen ankeren in Sydney. Soit. We slaagden erin om toch ergens in die Rushcutters Bay een ankerplaatsje te ontdekken. Naast Sea Level. We lagen eigenlijk midden in de vaarweg naar de meest populaire jachthaven van Sydney, maar kom, we waren geankerd.

En onze goeie vrienden van de Go Beyond waren er ook. Die hebben hun boot tijdelijk voor een sjiek appartement gewisseld en we werden er als koningen ontvangen. De kinderen bleven er zelfs slapen en hadden de tijd van hun leven met Mads en Elin.

Een dag en een nacht hebben we daar uiteindelijk in Rushcutters Bay liggen klutsen (omdat we in de vaarweg lagen kwam iedereen vlak naast ons langs gevaren) en we hadden net beslist om ons dan maar over te geven aan het plaatselijke gebruik: een ankerboei te huren voor meer dan 500 dollar per maand. En toen ging de telefoon…

Hi mate! It’s Simon. Are you in Sydney already?’ ‘t Was Simon van de Wooloomooloo. Laatst gezien in de Galapagos. Geweldig gelachen samen.  Zijn ouders leven in een van de meest sjieke buurten van Sydney, met zicht op het water en een privé steigertje voor de deur. ‘You can come over here and park the boat in front of the house if you want!’ Ja zeg, tuurlijk, dat moest hij geen twee keer zeggen.

Eenmaal we aan hun privé steigertje lagen vroegen we hem hoe lang we er mochten blijven. ‘As long as you want mate! No worries!’.  Mannekes, waren wij met ons gat in de boter gevallen! We zagen onszelf (de boot eigenlijk) al een paar maand aan dat steigertje hangen.

Een uurtje later gingen we gedag zeggen aan de ouders van Simon. En hen bedanken voor hun gastvrijheid. Zegt die moeder: ‘It’s ok for a few days to stay on the dock if you want’. Hm.

We hebben een heerlijke avond gehad aan de barbecue met Simon, zijn ouders en Mads en Elin van de Go Beyond. Heel warm en gezellig. Sepke en Haïke werden volledig ingenomen door Simons moeder. Zelf vond ik Simons vader een geweldig figuur. En de twee jongens konden het heel goed vinden met Emil, de zoon van Simon.

Daarna is Simons familie op vakantie vertrokken en lagen we er nog moederziel alleen aan dat dok (niemand meer in het huis). We gingen Sydney bezoeken, we ontmoetten een hele boel zeilbuddies in de marina van Cammeray (onder meer Greg & Leisha van Fine Gold en de Tangaroa). Sluiten die haakjes, want: de Tangaroa. We zagen hen voor het eerst in Portugal en hadden toen al geweldige bewondering voor hun moed om met twee zo’n kleine kinderen naar Australië te zeilen. Nu zijn ze in Australië, en ze hebben niet twee maar drie dochters. Eentje bijgemaakt onderweg. Uniek hoe zij met zoiets omgaan. Heerlijk om te zien, we zouden het zelf niet kunnen: drie hele kleintjes op een bootje. En Wierd is wellicht de kalmste mens ter wereld. Hij heeft nu vier geweldig straffe madammen rond zich.

OK, we hadden de hint begrepen. Misschien niet teveel blijven plakken aan ons privé pontonnetje. Er zijn nog andere vrienden die we konden bezoeken. In Manly bijvoorbeeld. Om op de plaats te geraken waar wij lagen, moet je onder een brug (The Spit Bridge), die maar een paar keer per dag open gaat. Zo stipt als een trein. Stipter dan een Belgische trein. OK, wij moesten dus mooi op tijd vertrekken om tijdig aan die brug te zijn. Probleem: ons privé jachthaventje lag volledig aan lagerwal en het blies 20 knopen op onze flank. Het was dus bijzonder moeilijk om van de palen voor het steigertje los te komen.

Om een lang verhaal kort te maken: we gingen dus te laat komen bij de brug. Een minuut of vijf.  En als we dat niet haalden moesten we zes uur wachten om buiten te kunnen en zou het donker worden… Haike belde de brugwachter om te zeggen dat we een beetje vertraging hadden en dat we er over twee minuten gingen zijn. De man zei dat twee minuten OK was, maar als het langer zou duren dat hij zijn job zou verliezen. De motor van Small Nest heeft drie minuten op volle toeren gedraaid. Daarna waren we erdoor. Met een vloekende en tierende brugwachter boven ons. ‘Never, ever do that again!’. Ja, hier in Australië komt het op een minuutje.

Daarna ankeren we in Spring Cove bij Manly (het Knokke van Sydney). Heerlijk ankeren (hier geen moorings). Met de Moo varen we twee baaitjes verder op zoek naar een supermarkt. Je raadt het nooit. Vlak aan het water een Aldi!

Het was alsof we de hemel ontdekt hadden.

Nu moet je weten dat alles in Australië enorm duur is. De Euro is geweldig gedaald, terwijl de Australische dollar maar blijft stijgen. Bovendien zijn alle prijzen in Australië nog eens met een derde omhoog gegaan. Dat maakt het leven hier voor een toerist bijna onbetaalbaar. Een pint of een brood kosten hier makkelijk 5 euro. Zelfs de Australiërs, waar we mee optrokken onderweg naar hier, zeggen ook dat ze enorm geschrokken zijn van hoe duur alles geworden is.

Dus, zo’n Aldi, dat is een beetje gelukkig worden. Goedkoop. En nog eens dicht bij het strand ook. Heerlijk boodschappen doen en weten dat we onze drie hongerige leeuwen lekker kunnen voederen.

Zoals vandaag bijvoorbeeld. Met Sammy en Mike (van Quartermoon die nog steeds op een nieuwe mast wacht in Noumea maar zij hebben even een kerstvakantie in Sydney genomen) en Dirk en Anneke (van het uiterst zeldzame soort Belgen die rond de wereld zeilen) op een elektrische stadsbarbecue in het park.

Niet veel miserie te melden dus.

donderdag 16 december 2010

woensdag 15 december 2010

“Red sky at night, sailor’s delight. Red sky in morning, sailor’s warning”

DSC_1975

Zonsopkomst Down Under, vanmorgen.  Het spreekwoord klopt, want de boordradio waarschuwt herhaaldelijk voor aankomend slecht weer. We hopen nog net voor de storm Sydney binnen te lopen.

Sydney: here we come

We vertrekken nu van Port Stephens naar Sydney!

donderdag 9 december 2010

Drama in Lemon Tree Passage, Port Stephens, New South Wales, Australia

Wij dus op aanraden van Cor naar Lemon Tree Passage (zie vorige blog). Jim en Kent van de Sea Level waren al een dag eerder vertrokken om de slipway te bekijken waar ze de boot op het droge gingen leggen en om nog wat schildermateriaal te kopen.

Wij ankeren eerst aan de monding van de rivier. En dan een telefoontje van Kent. Helemaal van haar melk. Sea Level is bij het uit het water hijsen van de takel gevallen. Vanop een halve meter hoogte op vier ijzeren dwarsbalken terecht gekomen. Resultaat: vier grote gaten in de twee rompen van Sea Level. De metalen dwarsbalken gingen dwars door de twee rompen…

Drama.

Het zien van de gaten deed fysiek pijn. Jim en Kent waren helemaal buiten zichzelf. De verantwoordelijke van de takel had vergeten hun boot deftig vast te maken, zodat ze van de blokken is gevallen….

63388_1682280773462_1130870229_2778598_2363122_n 68228_1682281133471_1130870229_2778601_7626071_n 68521_1682280693460_1130870229_2778597_610536_n

Gelukkig is Lemon Tree Passage de thuisbasis van Schionning, de ontwerpers van hun catamaran (die Jim zelf gebouwd heeft!) en wordt binnen de kortste keren een herstelplan opgesteld. De beste botenbouwer en de mannen van Schionning zelf komen de boot herstellen. Binnen een kleine week zal de boot helemaal hersteld zijn. Sterker dan voordien, stellen ze Jim gerust.

Ondertussen worden Jim en Kent ondergebracht in een appartement. Zelf kunnen we niet veel meer doen dan hun aandacht wat afleiden en ze af en toe terug te doen lachen. We barbecueën samen, gaan Koala’s spotten, we helpen wat aan de boot, we drinken “Dark & Stormy’s”, spelen samen Rummikub, enz, enz…

Al bij al valt de schade mee. Het had een stuk erger kunnen zijn, blijkt na verloop van tijd. Als de boot tien centimeter verder naar achter was gevallen was de schade wellicht niet te overzien geweest. Nu werden de roeren, de saildrives en de schroeven gespaard van de impact….

Je maakt wat mee op zo’n boot. En je moet wat geluk hebben. Ongeluk schuilt vaak in een klein hoekje (Lemon Tree is dat zeker), waar je het niet verwacht, en zo’n reis kan in een vingerknip gedaan zijn, beseffen we weer maar eens, en kussen onze beide pollekes.

 

--------------------------------------

 

PS: Het was Sea Level die een paar dagen na ons vertrek uit Port Resolution (Vanuatu) aankwam met Endless Summer, en een reddingsactie op touw hebben gezet om overlevenden te gaan zoeken van een lokaal bootje dat eerder die dag kapseisde. Wie geïnteresseerd is in het verhaal van de reddingsactie kan hier de video zien die Steve van Endless Summer erover gemaakt heeft:

Fame Cove, Port Stephens, New South Wales, Australia

Terwijl we daar van het vlakke water en de dolfijnen liggen te genieten, komt er plots een man langs die naast ons geankerd ligt. ‘Hi, my name is Colin. I live not far from here, in Lemon Tree Passage’. Blijkt dat hij eigenlijk Cor heet en een Hollander is die hier al dertig jaar woont. Hij komt ons uitnodigen om iets te komen drinken op de boot naast hem, rond vier uur. ‘Bring your drinks and nibbles, I’ll invite the other boats too. It’s fine for Frank.’

Om vier uur arriveert er 10 man op het bootje van Frank, allemaal met hun aperitiefhapjes en drankjes. Frank kijkt wat raar. Die wist van niks. Colin/Cor lag slap van het lachen. Wij ook. Uiteindelijk Frank ook. En we hebben een bijzonder gezellige drink. Drie Nederlandse koppels, Franks ouders waren Nederlanders die naar Australië zijn uitgeweken, zijn vrouw is een Australische, Jim en Kent van Sea Level en wij, twee Belgen (de kinderen keken ondertussen met een bak popcorn naar een filmpje op onze boot).

Zegt die Cor ineens: ‘Je eigen bier brouwen, joh! What a waste of time!’. ‘Heb ik ook nog gedaan. Maar nu doe ik alleen nog the real stuff’. ‘Proef dit ‘ns, hier, taste!’. Hij geeft me een glas van zijn whisky. Zelf gestookt.

Ik kan je zeggen: ik zie nog, en het was goeie whisky. De verleiding is nu natuurlijk groot om daar ook aan te beginnen op de Nest, maar we gaan eerst goed leren stappen (bier) voor we beginnen lopen (spirits).

Kleine update overigens ivm het brouwen: het eerste bier (Fine Blond) is een voortreffelijke pint. Het tweede brouwsel (een Royal Amber Ale) vind ik zelf wat minder (het is wennen aan de lichte caramelsmaak in het bier), maar het is best te drinken. De rest (de Belgische Pale Ale, het Gingerbeer en de Tooheys Lager) moet nog rijpen voor het kan geproefd worden.

‘t Was een geweldig gezellige drink op Franks boot. Frank blijkt ook een goeie muzikant te zijn en we spreken af om ‘s anderendaags wat samen te ‘jammen’. En we werden door Cor uitgenodigd om een van de volgende dagen bij hem thuis eens langs te komen in Lemon Tree Passage.

Komt bijzonder goed uit, want daar wilt Sea Level met de boot op het droge gaan om de onderkant te verven met nieuwe antifouling. En ik had aan Jim beloofd hem te helpen.

Fame Cove: leuk plekje als je er passeert. Heel rustig, niet zoveel te doen buiten barbecuen, het riviertje opvaren en lachen met de fratsen van Cor, maar meer moet dat absoluut niet zijn!

Zelfs de Sint is hier gepasseerd!

 

zaterdag 4 december 2010

Fame Cove, Port Stephens, Australië

Hèhè, we zijn er.

32°41.041S
152°03.666E

Port Stephens is een gigantische baai, groter dan de baai van Sydney. Het plekje dat we er uitgekozen hebben is Fame Cove. Machtig plaatsje waar we geankerd liggen. Omgeven door wouden, het geluid van krekels en een familie dolfijnen rond de boot.

port stephens

Fame Cove

We zijn blij dat we nu een hele tijd geen nachtelijke oversteken moeten doen (vanaf hier geraken we in 1 dag in Sydney). De oversteek van Coff’s Harbour tot hier viel mee, tenzij de ruwe zee. Die vormt geweldige surfgolven doordat het water van de diepe Pacific op het ondiepe plateau voor de Australische kust wordt geduwd. Leuk om te surfen, ellendig om te zeilen.

Je doet eigenlijk amper een oog toe tijdens zo’n oversteek omdat het meestal een dag of drie duurt vooraleer je in geslingerd raakt en vlot de slaap kan vatten tijdens het varen op ruwe zee. En het duurt meestal een dag of drie tegen je volledig gerecupereerd bent, na zo’n nachtelijke oversteek. Tot dan heerst er meestal prikkelbaarheid aan boord bij Haïke en mezelf…

Gelukkig weten we nu waar dat vandaan komt en zal de natuurpracht rondom ons alles wel zalven... 

Laat ons voor de rest gerust, gdvrdmme  ;-)

donderdag 2 december 2010

Surfing!

Wat doet een mens zoal in een regenachtig Coff’s? Leren surfen!

Jim van Sea Level heeft ons alle vijf leren surfen op de golven. Gisteren was het de beurt aan Haïke en ik terwijl de kinderen op stap waren met Luke van Sunboy. Wat ons nog niet lukt, is foto’s nemen van elkaar terwijl we op het bord staan. Vandaag was het de beurt aan de kinderen. En daar konden we wél foto’s van nemen. Surfing is great fun!

 

 

Altijd iets met dat weer…

Een blik op facebook en je ziet wat onze landgenoten bezig houdt: stovekes, winterbanden, dekentjes en sneeuwruimen. Hier, in Coff’s Harbour, is het 25 graden. Maar regenen! Al drie dagen aan een stuk:

dinsdag 30 november 2010

Een paar filmpjes ter afwisseling…

Een boobie komt even uitrusten op de zaling tijdens de laatste 200 mijl van de oversteek van Nieuw Caledonië naar Australië. Hij probeert een gratis ritje naar huis mee te pikken, maar na er een paar keer af te donderen, geeft hij uiteindelijk op en vliegt hij maar naar huis.

 

 

Onze jeepexcursie op Fraser Island. Samen met Steve en Manjula van Endless Summer, Jim en Kent van Sea Level en ons gevijven passen we net in een Toyota Landcruiser. Steve is een voortreffelijke chauffeur op alle offroad baantjes en op het strand. We mochten niet in zee rijden.

 

Ook op Fraser Island. We gaan zwemmen in een van de vele glasheldere zoetwater binnenmeren. Prachtige omgeving die brutaal verstoord wordt door de kinderen die Jim en hun vader proberen te verdrinken.

 

Tijdens de tocht langs het binnenwater van Moreton Bay National Park tussen Manly en Gold Coast moesten we niet enkel op de dieptemeter kijken. Ergens halfweg moet je onder elektriciteitskabels die 20 meter hoog hangen. Onze mast is er 17 en het was net hoogwater tijdens springtij. (Maar het lijkt spannender dan het werkelijk is).

maandag 29 november 2010

Space Invaders of the Gold Coast

IMGP1321

Het zijn er duizenden, jonge krabbetjes die zwermen op het strand van Gold Coast. Van veraf lijkt het of het strand gaat lopen…

 

Foto’s Gold Coast

zondag 28 november 2010

First tasting of the first brew

fineblondeticket.jpg

Daarnet even het eerste brouwsel geproefd.

Nog veel te vroeg want het moet nog minstens twee weken rijpen.

Toch proef je de potentie, want:

‘t smaakt nu al beter dan een Heineken!     ;-)

donderdag 25 november 2010

The Spit – Gold Coast – Queensland – Australia

We zijn door het Moreton Bay Marine Park gevaren vandaag. Een smalle, ondiepe rivier die Brisbane met Gold Coast verbindt. Hier is al menig jacht vast gevaren met minder diepgang dan wij hebben.

Het was dan ook een spannend tochtje door de kronkelende rivier. We vertrokken om 08u, twee uur na laag water. Buiten Manly hadden we net genoeg water onder de kiel. Tot halverwege werden we vooruit gestuwd met een extra 2 knopen stroming in de rug. We vlogen door de ondiepe rivier met een gemiddelde van 8 knopen. Om 12 uur was het hoog water, en net dan kwamen we aan de ondiepste passage aan. Het is springtij bovendien, en dat hadden we nodig bovendien.

Bij het passeren van de ondiepste passage hadden we amper 30 cm overschot, maar het lukte. Een boot van de sleepdienst kwam even voorbij in de hoop dat hij ons kon helpen en wat dollars kon opstrijken. Gelukkig was dat niet nodig.

Eenmaal over dat ondiepe stuk, ging het nu stroomafwaarts en precies op dat moment draaide het tij en vlogen we met de genua uit aan 9,5 knopen naar onze ankerplaats.

We konden Sea Level, een supersnelle catamaran, het hele stuk bijhouden en Jim hield ons op de hoogte van de ondieptes onderweg.

Om 13u ankeren we in ‘The Spit’, kijken verbaasd naar de hoge appartementsblokken die een paar kilometer verder oprijzen, gooien de dinghy in het water en gaan naar het strand.

Wilde golven om te bodyboarden. Iedereen vindt het fantastisch.

Dan terug naar de boot. Vanavond vieren we voor het eerst in ons leven een echte Thanksgiving met onze Amerikaanse vrienden Jim en Kent. Met “stuffed turkey”!

Happy Thanksgiving, everybody !

woensdag 24 november 2010

Manly en Brisbane

Twee, hooguit drie dagen, willen we in de jachthaven blijven liggen. Australië is duur omdat de Australische dollar bijzonder sterk staat en de euro op de sukkel is. En een verblijf in een marina helpt niet echt.

Maar het weer speelt ons parten (windvoorspellingen uit het zuidoosten 25 tot 30 knopen), zodat we uiteindelijk zes dagen in de jachthaven vastzitten.

We gaan geen potje zagen, want het zijn zes fantastische dagen geweest. Vanuit Manly kan je de trein naar Brisbane nemen, de derde grootste bestemming in Australië. Schitterende stad. Prachtige parken, fenomenale musea die bovendien nog eens gratis zijn, een chinatown, ferries op de Brisbane river, heerlijke mensen en het ademt allemaal vooruitgang.

We stappen nogal wat af. Kilometer na kilometer. Met het vocht in mijn knie kan je Halle doen overstromen.

De kinderen zien hun vriendjes van de Victoria terug, wij beleven mooie momenten met Jim en Kent, we leren de sympathieke Nederlander Jan kennen die op het prachtige Nederlands schip ‘Bellatrix’ past, we leren andere Australische Beneteau Oceanis 46 eigenaars kennen, …

Het leven heeft een wat andere wending genomen in Australië. Wat rustiger en stedelijker. We voelen dat er meer dan 15000 mijl in onze kleren is gekropen, en we genieten van de korte tochtjes en eens een week te blijven liggen in een haven…

Maar, het is nu genoeg geweest. Hoog tijd voor wat avontuur op het water.

Morgen varen we het ondiepe kanaal door tot in The Gold Coast. Op een paar punten zal het spannen om met onze diepgang over de zandbanken te geraken. Maar we hebben tijd. En Sea Level (de catamaran van Jim en Kent met veel minder diepgang) wilt voor ons varen en geeft ons de dieptes door in voet. We zullen dus de tafels van 3,3 kunnen inoefenen, morgen.

maandag 22 november 2010

Tangalooma, Moreton Island, Australia

De Coastguard weet al lang dat we geankerd liggen in Tangalooma, en nu moesten we het jullie nog laten weten.

IMGP1066

Het is een heel eigenaardige ankerbaai, daar aan Moreton Island, 20 mijl voor de kust van Brisbane.

IMGP1015

De westkust van het eiland ligt bezaaid met een rij scheepswrakken, die daar bewust gedropt zijn om een artificieel rif te maken en zo ook een beschermde ankerbaai. Het heeft iets onwezenlijks.

moreton13

Er liggen 15 wrakken van oude baggerschepen die een muur van 300 meter vormen parallel aan de kust van het eiland. De Ozzies kregen het idee toen ze twee problemen hadden: ze kregen hun oude baggerboten niet meer verkocht, en er was geen geld genoeg om een haven te bouwen aan Moreton Island die als noodstop kon dienen in geval van plotse stormen.

IMGP1023

De baggerboten daar afzinken en een artificieel rif vormen zou hun beide problemen oplossen, en het zou bovendien nog eens vele vissen en wildlife aantrekken en een leuke toeristische trekpleister kunnen worden.

IMGP1011

Dat laatste is zeker gelukt. Snorkelen is erg leuk tussen de wrakken.

sergantvisjes

Wat verder noordelijk zitten ook  een paar Dugongs (dat zijn een soort zeekoeien) en elke dag passeert een familie dolfijnen tussen de geankerde boten.

039fe294

Het luchtspektakel wordt er verzorgd door de zeearenden, die net naast onze boot scheren om de vetrandjes van onze koteletten met hun klauwen uit het water te vissen.

DSC_1843

Wat echter niet zo goed gelukt is, is bescherming bieden tegen westelijke winden. En dat hebben we kunnen merken. De eerste dagen kwam de wind uit het noordoosten en was de baai rustig en kalm.

IMGP1059

Toen de wind naar het noordwesten draaide werden we door de golven plots van links naar rechts geslingerd en zijn we wat later weggevlucht. Onhoudbaar was het schommelen geworden.

(En het bier moest bovendien nog twee dagen rustig in zijn ton kunnen rijpen vooraleer het gebotteld kan worden!)

Om 5u ‘s morgens ging het anker op en beukten we tegen wind en golven in naar Manly. Er was een ‘strong wind alert’ uitgestuurd door de Coast Guard, wat ons de bescherming deed kiezen van een échte haven. De Royal Queensland Yacht Squadron Marina. Het is er even duur als de naam doet vermoeden.

(maar het bier staat hier stil als een huis en wordt weldra gebotteld)

dinsdag 16 november 2010

Couple rescued from sinking yacht

En ik wou net een stukje schrijven over de overdreven veiligheidsmaatregelen die de Australische Coast Guard hanteert. Als je langs de kust van Queensland en New South Wales zeilt, word je constant gemonitord door de Coast Guard. Voor je vertrekt, laat je de Coast Guard weten waar je heen gaat en wanneer je daar denkt aan te komen. Als je op je bestemming bent, laat je hen dat ook weten. Als ze niks van je horen, dan roepen ze je op om te checken of alles OK is. En als je een lange oversteek maakt, van een paar dagen, dan checken alle rescue stations waar je passeert je status. Wij zijn ons al eens vergeten ‘uit te checken’ en hadden de boordradio al uit staan. Ze hebben ons opgebeld op onze gsm om te vragen of alles wel OK was. Een andere keer, toen we tussen de pieren van de haven van Mooloolaba aan het binnen varen waren, riepen we de Coast Guard Mooloolaba op om ons uit te checken. Dat mocht nog niet. We moesten eerst veilig aangelegd zijn. Tien minuutjes later, midden tijdens ons aanlegmanoeuvre in een smal plaatsje in de jachthaven, riepen ze opnieuw op. Of alles wel OK was en of we al aangelegd waren. Ja, zeg.

Als je net meer dan 15000 mijl op de teller hebt staan, de Atlantic bent overgevaren, de hele Pacific hebt doorkruist, en je voor je veiligheid meestal op jezelf bent toegewezen geweest, dan is dat een serieuze aanpassing en een vreemd gevoel. Het lijkt wel of je plots een puber bent met een overdreven bemoeizuchtige moeder. Je krijgt de neiging om er tussenuit te muizen, je niet meer aan te melden, en lekker anoniem en onafhankelijk de kust af te varen.

Maar het moet wel gezegd: de Australische Coast Guard zijn wellicht van de beste, vriendelijkste en efficiëntste ter wereld.

Zonder hen had het wellicht een stuk slechter afgelopen voor dit koppel die bijna klaar waren met hun oversteek van Fiji naar Australië en gisteren, niet ver van hier, moesten gered worden…

Couple rescued from sinking yacht
http://www.abc.net.au/news/stories/2010/11/15/3066633.htm

We zullen dus maar dankbaar gebruik maken van de uitstekende service die de Australische Coast Guard voorziet, en ons braafjes aan- en afmelden bij ieder stukje dat we zeilen…

maandag 15 november 2010

BBC E-mail: British pair freed from pirates

Willem saw this story on the BBC News website and thought you
should see it.

** British pair freed from pirates **
A retired British couple are freed more than a year after being taken captive by Somali pirates who boarded their yacht off the Seychelles.
< http://www.bbc.co.uk/go/em/fr/-/news/uk-11752027 >

De laatste mijlen op de Pacific en aankomst in Bundaberg: de foto’s

 

De laatste mijlen Pacific met een boobie als opstapper, wedden op paarden, Bundaberg en turtlewatching…

 

Foto’s van Fraser Island

Foto’s van Mooloolaba

zondag 14 november 2010

Sssssstttttttt!!!! Hier rijpt een Stellamans…

Stellamans' Home Brew

Een “Fine Blond” pint.

23 Liter.

Klaar over twee weken.

Altijd welkom om te komen proeven.

donderdag 11 november 2010

Australië, 5 tot 12 november 2010

Druk, druk, druk…

Met een groot schuldgevoel vandaag wakker geworden om 5u ‘s morgens. Het is de laatste week zo druk geweest dat de blog er volledig is bij ingeschoten. En er is zoveel te vertellen. Hier gaan we.

Bundaberg

Onze eerste intentie om maar een paar dagen in de moderne jachthaven  van Bundaberg te blijven, wordt al snel ingehaald door de realiteit. Uiteindelijk liggen we er een week. Het is zalig om eens op een boot te slapen die niet beweegt, en zoveel water te kunnen gebruiken als je wilt. Ook onze laatste oversteek is wat in onze kleren gekropen en we hebben nood aan rust.

En dan zijn er ook de geneugten van een stad en alles wat je er kan krijgen. De voorbije acht maand in de Pacific was het meestal blij zijn met wat je vindt en er creatief mee zijn. Op zich is dat heel fijn en verrijkend, maar dat àlles nu opnieuw voor handen is, is nu ook wel geestig. Sinaasappelen, paprika’s, lekker vlees, choco en snoepjes: feest!

Brew

En het grootste feest van al is de winkel “HOOCH HOME BREW”. “I’ve got exactly what you need, mate”, zegt de gezellige verkoper als ik hem uitleg dat ik op de boot bier wil brouwen.  Twintig minuten later leg ik de hele bierbrouwerij in de koffer van onze huurauto. Zestig euro voor de hele rimram. Inclusief alles om mijn eerste 80 liter bier te maken. Haha. Een kratje bier kost hier 40 euro in de winkel, dus dat is dik gewonnen.

Seatalk error

In Bundaberg ben ik ook druk met het zoeken naar de fout in het navigatiesysteem. Bij het binnenvaren hier, na onze oversteek van Nieuw Caledonië, viel heel het systeem uit. Geen data meer. “Seatalk error” was het enige dat nog af te lezen viel. Geen positie, windgegevens, diepte, snelheid, noch elektronische navigatiekaarten. Nada, niks. Ook de automatische piloot hield het voor bekeken. Ik kan het probleem ook niet vinden en de Raymarinevertegenwoordiger in Bundaberg (zelfs die heb je hier!) heeft het te druk om te komen kijken.

Schildpadden

We bezoeken ook ‘Mon Repos Beach’, een natuurpark op het strand waar de zeeschildpadden hun eieren komen leggen. ‘s Nachts. Het bezoek verloopt als volgt: je komt in het reservaat aan om 18u ‘s avonds. De bezoekers worden volgens boeking van hun ticket in verschillende groepen verdeeld. Er zijn drie groepen, en wij zitten in groep drie omdat we pas vanmorgen gereserveerd hadden. En dan is het wachten in een openluchtauditorium waar lezingen gegeven en films getoond worden over de zeeschildpadden. Ondertussen lopen er Rangers op het strand om te kijken of er schildpadden aan land komen om eieren te leggen. Als dat zo is, wordt eerst de eerste groep naar het strand gevraagd om het gebeuren te volgen. Bij de tweede schildpad mag groep twee gaan, en zo voort. Tot middernacht hebben we zitten wachten op schildpad nummer drie. Er zijn die avond maar 2 schildpadden aangespoeld, en dus zijn we lichtjes ontgoocheld naar huis gekeerd, met slapende kinderen.

Vrolijke vrienden

We beslissen om de dag nadien te vertrekken uit Bundaberg. We varen samen met Go Beyond naar ‘Kingfisher Bay’ bij Fraser Island. Mads doet dienst als ons extern navigatiesysteem (we volgen hem gewoon en hij geeft ons de dieptes door bij het ankeren), en de kinderen doen dienst als automatische piloot. Ondertussen zoek ik de hele dag verder naar de fout in het systeem. Geen resultaat. We liggen op een mooie ankerplaats, maar zwemmen mag er niet: een enorme stroming (er is hier een getijverschil van 3 meter) en gevaarlijke haaien (bullsharks) in troebel water. En het water is toch te koud.

Go Beyond heeft haast want ze hebben bezoekers in Sydney en dat is nog een heel eind varen. ‘s Anderendaags vertrekken ze en zwaaien we ze uit. We zien elkaar met Kerstmis terug in Sydney.

Lang blijven we niet alleen, want de twee supersnelle catamarans (Sea Level en Endless Summer) komen bij ons ankeren. Altijd lachen met die twee Amerikaanse koppels. In hun race naar hier is Endless Summer met een snelheid van 9 knopen op een zandbank gevlogen. Zonder schade. Zelfs geen deukje in het zelfvertrouwen.  En maar lachen.  Niet te schatten.

Fraser Island

Fraser Island dankt zijn naam aan de familie Fraser die hier in 1836 schipbreuk geleden hebben.  De bemanning en de familie Fraser konden het eiland zwemmend bereiken maar vielen in handen van een hoopje ontsnapte gevangenen. Geweldig tuig, want ze behandelden de schipbreukelingen als slaven, ze sloegen de kapitein dood en twee maand later werd mevrouw Fraser als eerste prijs weggegeven bij een krachtwedstrijd. Ze werd uiteindelijk bevrijd door een andere ex-gevangene, maar veel meer is er niet geweten over haar. Een iets minder romantisch Crusoë-verhaaltje…

Fraser Island is het grootste eiland van zand ter wereld en erkend als Unesco Werelderfgoed. Het is 123 kilometer lang en heeft vele kristalheldere meren met witte stranden, omgeven door regenwoud met reusachtige bomen. Het enige vervoermiddel waar je het eiland mee kan bezoeken is een 4x4. Samen met de 2 Amerikaanse koppels huren we een grote Toyota Landcruiser en rijden we met z’n negenen het eiland rond door het mulle zand en op het strand. Schitterende en avontuurlijke tour. 

Als we terug bij onze ankerplaats zijn, zien we dat Sea Level niet meer op zijn plaats ligt, en een paar mijl verder midden op de rivier ligt. Het anker is beginnen krabben toen we op excursie waren. Twee andere boten hebben Sea Level kunnen stoppen en herankeren. Jim en Kent kunnen er hartelijk om lachen. Ook niet te schatten.

De dag wordt afgesloten met weerwolven en veel te veel rumpunch op de Sea Level die terug naast ons komen ankeren is. En maar lachen.

Great Sandy Straight

De volgende dag moeten we verder zuidelijk, door de ‘Great Sandy Straight’, de rivier die tussen het Australische vasteland en Fraser Island stroomt. Op veel plaatsen is het ondiep en je moet er met het getij rekening houden om er als monohull door te kunnen. Ik had erop gerekend ondertussen ons navigatiesysteem terug aan de praat te hebben, maar dat is dus niet zo. We varen achter Sea Level die ons de dieptes in voet (Amerikanen hé) meegeeft. Op drie plaatsen hebben we niet meer dan 1 voet (30 cm) overschot. Zonder dieptemeter en met een stroming van 3 knopen in het gat is dat spannend. En maar lachen met onze miserie.

Eureka!

Om 14u ploft ons anker in het witte zand van Pelican Bay, op het einde van de Great Sandy Straight. De rest van de dag zoek ik verder naar het probleem van ons navigatiesysteem. Drie uur later ben ik de gelukkigste mens in de baai. In het laatste, bijna onbereikbare hoekje van de boot waar ik nog niet gekeken had, ontdek ik een contactje waar een klein beetje water binnen gesijpeld is en corrosie veroorzaakt heeft. Het contactje is vervangen en alles werkt terug als nieuw. Yeeha.

Surfing

Morgen varen we een stuk verder zuidelijk langs de Australische oostkust. Eerst moeten we over een zandbank die een branding als een surfgolf veroorzaakt bij de monding van de rivier. Ons huis zal even een surfplank zijn. Mét de nodige instrumenten is het toch nog spannend, maar we blijven lachen.

woensdag 3 november 2010

Bundaberg – Australië

Even in telegramstijl, want we nemen zo meteen de bus naar het stadje van Bundaberg:

  • Inklaren in Bundaberg gebeurt bijzonder efficiënt en vlot. Geen enkel probleem met douane en quarantaine. Een makkie. Binnen het uur was alles geklaard.
  • We hebben al direct onze eerste live kangoeroe’s gezien. Vier.
  • ‘En onze eerste giftige beesten: padden die hier ‘s avonds over het gras springen. Niet aankomen. De groene kikkers mag je wel aanraken.
  • Gisteren zijn we het stadje Bundaberg gaan bezoeken. Het was een bijzondere dag in Australië, want het was een belangrijke paardenkoers in Melbourne. Om 12 uur sloten alle winkels en ging iedereen in sportpubs op de paarden wedden. Wij hebben dat ook gedaan. Ik had in een lokaal krantje gelezen dat ‘So You Think’ de absolute favoriet was en onklopbaar. Onze Amerikaanse vrienden van Sea Level en Endless Summer hadden van een duister figuur een tip gekregen dat het paard ‘Americain’ zou winnen. In mijn lokaal krantje stond er niks speciaal over dat paard. Geen favoriet blijkbaar. Zij gokken op ‘Americain’, wij op ‘So You Think’.  Het paard ‘Americain’ heeft gewonnen. Onze Amerikaanse vrienden hadden zo maar even 800 dollar gewonnen, omdat dat paard zo slecht gequoteerd stond. Hilarische taferelen in het café waar we samen naar de koers hebben gekeken.
  • De ‘Westerse beschaving’ went enorm snel. Het duurt een half uurtje voor je over je eerste shock heen bent, dat je hier weer alles kan krijgen, en dan ben je eraan gewoon.
  • Australiërs zijn bijzonder vriendelijke mensen. De mannen spreken me aan met ‘mate’, de vrouwen met ‘darling’. Zo hebben we het graag.
  • Nu moeten we een bus nemen. Naar de shopping mall!

maandag 1 november 2010

Foto’s van Nieuw Caledonië

Deze hadden jullie nog te goed, de foto’s van ons verblijf in Nieuw Caledonië:

 

zondag 31 oktober 2010

Dagboek van een oversteek: Nieuw Caledonië - Australië - Slot

Het venijn zit 'm weer in de staart. Ons elektronisch
navigatiesysteem is een dag voor aankomst beginnen
flippen. Dat heeft het vroeger ook nog wel eens gedaan, en
toen volstond het om het systeem even aan en uit te
zetten. Nu niet. De GPS viel uit met de regelmaat van een
eigenzinnige klok. En de dieptemeter weigerde zijn dieptes
nog in meters te geven. We lezen nu 'vadem' van het
scherm, en het systeem weigert elke poging tot
verandering. Die diepte, tot daar aan toe, maar de
dreiging om plots zonder positie te zitten in het drukker
vaarwater bij de kust van Australie, bovendien nog eens
bezaaid met riffen, banken en ondieptes, was niet echt
geruststellend. Eerst ons backupsysteem standby gezet
(gewone handheldgps, een papieren niet genoeg
gedetailleerde 'overzichtskaart' en een kaartje van
Bundaberg uit een gekopieerde cruisinggids. OK, met wat
gesukkel zou dat wel lukken. Maar dan wil je toch dat dat
hoofdsysteem terug betrouwbaar werkt, en ga je op zoek
naar de fout. Alles checken. Wat is er veranderd? Vanaf
wanneer is het systeem beginnen flippen? Haike hield net
grote kuis, dus die was verdachte nummer 1. Die gaat een
kabeltje kapot gekuist hebben! Aha! Na een bikkelhard
verhoor liet ik haar terug vrij. Onvoldoende bewijzen. Dan
alle hardwareconnecties gecheckt. Niks. Dan in de software
beginnen zoeken. Vanalles proberen in allerlei menu's, en
zoveel proberen dat je niet meer weet hoe je het terug
gezet kreeg. Argh! Toen ik op de 'reset' knop duwde, ging
het systeem eerst vijf minuten in coma. Na reanimatie op
de rode knop kwam er terug leven in. Maar het systeem was
niet meer zoals ik het kende. Het sprak een andere taal,
en al mijn geliefkoosde instellingen waren verdwenen.
Alles was veranderd, behalve dat de GPS bleef uitvallen en
dat de diepte in vadem bleef. Dan maar naar het derde
level van probleemoplossing. Dat is op
spiritueel/transcendent/bijgelovig niveau. Als ik het
tafeltje in deze hoek hou, dan werkt het misschien terug.
Ja! Nee! Als iemand op het trapje staat, springt het terug
aan. Ja! Nee! Als ik meer dan vijf keer op een knop duw op
het systeem, dan valt het weer uit. Ja! Nee! Als ik de
stroom van het hele navigatiesysteem uitzet en eens goed
vloek terwijl ik het terug aanzet, werkt het misschien
terug. Ja! Nee! Kak!

Na drie uur ben ik een zenuwinzinking nabij en beslis ik
het ding te laten voor wat het is. Haike heeft pizza
gemaakt. We eten beneden want buiten is het
verschrikkelijk koud (20°C). Ondertussen blijft het
systeem maar alarmen piepen. Een rotkind dat om negatieve
aandacht schreeuwt, denk ik nog. Straks level vier van
probleemoplossing: een pak slaag. Als de pizza verslonden
is door onze drie hongerige jonge leeuwen en als Haike en
ik ook een stukje hebben kunnen bemachtigen, ga ik terug
naar buiten. Ik verwacht dat het systeem er helemaal mee
opgehouden is omdat het gepiep gestopt is. Tot mijn grote
verbazing werkt het terug als voorheen. Niet te snappen.
Tenzij dat je zou concluderen dat de oplossing voor het
probleem een stuk pizza eten was. Dat zou nog het meeste
hout snijden.

Een paar uur later, tijdens onze laatste nacht, flipt het
systeem nog een paar keer. Telkens als ik er net naar
kijk, er zelfs niet aankom en denk 'nu gaat het flippen'!
David Copperfield is er maar slappe koffie mee vergeleken.

Nu zijn we in de approach van de haven van Bundaberg. We
zien 'Terra Australis'. Ik heb de reservegps in de hand en
het is hier 15 vadem diep.

Gelukkig heb ik na twee uur slaap vannacht nog de
veerkracht van een Mikado koekje om straks aan te leggen
in een drukke haven op een rivier, de douane-, immigratie-
en quarantainebeamten vriendelijk te ontvangen en ze
rustig hun gang te laten gaan terwijl ze de boot overhoop
halen.

zaterdag 30 oktober 2010

Dagboek van een oversteek: Nieuw Caledonië - Australië - Deel II

Twee dagen gaat het zo door aan dat gezapig tempo, terwijl
we samen zeilen met de Noren van de Go Beyond. Zij hebben
een andere bestemming in Australie (Coff's Harbour), want
ze zijn iets haastiger dan ons om in Sydney te geraken
(Elins moeder komt op bezoek) en dus splitsen onze wegen.
Tot zolang we in radioberiek varen proberen zij ons te
overtuigen mee naar Coff's te varen, terwijl wij hen
proberen te overtuigen om naar Bundaberg te gaan. Met de
onnozelste en absurdste argumenten. Tot het radiocontact
wegvalt, en we elk alleen onze weg verder zetten. We zien
ze terug in Sydney, om samen kerst en nieuw te vieren.

Van zodra we weer alleen zijn, steken de wind en golven
hun kop nog eens op. Vanaf dan gaat het hard. We varen
lang 8 tot 9 knopen (met een knoop stroom in ons gat). Af
en toe spatten de golven tot in de kuip. Geregeld hebben
we een squall op ons dak. Pittig zeilweer, maar genieten
doen we er niet van.

Nu zijn we volledig door het front gevaren, en is het
opnieuw rustig zeilweer. Soms iets te rustig en als we
stroming tegen krijgen gaan we nog maar 4 à 5 knopen...
Het is alsof we in dat laatste stukje nog eens een
samenvatting krijgen van alle weercondities die we in de
pacific gehad hebben.

Voor de rest niet veel speciaals. We doen wat we normaal
doen op zo'n oversteek. De kinderen lezen veel, ze doen
veel schoolwerk, Haike vertelt de geschiedenis van
Australië (die tot opluchting van Flor niet bijzonder lang
is), we bekijken onze planning voor de volgende maanden,
... Ah ja, en we eten ook veel. Alles moet op. Het gaat
nog lukken ook. Als we nu nog tegenslag hebben en een paar
dagen vertraging hebben, gaan we nog met honger
aankomen...

Leuk is ook dat we veel berichtjes krijgen van veel van
onze zeilbuddies. Allemaal volgen ze de oversteek vanop
een andere plaats. De Flash V vanuit de Society Islands,
Tangaroa vanuit Sydney, de Elena vanuit Nieuw Zeeland,
Quartermoon vanuit Nieuw Caledonie, en de Go Beyond (of we
toch niet mee naar Coff's willen varen), op de Grote
Oceaan, nu vijftig mijl zuidelijker dan ons... Geestig.

Ondertussen nog geen enkele andere boot gezien.Ook nog
geen vliegtuig van de douane. De verleiding om 's nachts
geen wacht te doen en gewoon in ons bed te kruipen is
groot, maar we doen het niet, Freek.

We zijn de steenbokskeerkring overgevaren. Je voelt er
niks van.

We vissen niet, want er is eten genoeg.

Telefoon. Het is de Go Beyond. Omdat er zich een storm
ontwikkelt voor de kust van Australië, hebben ze hun
plannen moeten veranderen en worden ze gedwongen uit te
wijken naar een noordelijke haven. Bundaberg! Haha.

Zolang die storm niet beslist om ook naar Bundaberg uit te
wijken, gaat het hier dus allemaal goed. So long.

woensdag 27 oktober 2010

Dagboek van een oversteek: Nieuw Caledonië - Australië

Jep, we zijn vertrokken. De laatste etappe van het tweede
hoofdstuk van onze reis 'De Pacific'.

We dachten nog wat langer voor anker te blijven liggen bij
de eilandjes ten noorden van Noumea, maar plots was het
daar: een klein weatherwindowtje om vast te grijpen en te
gebruiken. Het zag er naar uit dat het anders nog langer
wachten ging worden, tot na het weekend. We moeten na 48
uur wel even door een front varen, maar we schatten in dat
het niet zo erg zal zijn. De oversteek van New Caledonie
naar Australie duurt 5 à 6 dagen. We mikken op Bundaberg
als aanloophaven.

De eerste 12 uren zijn weer ellendig. Het is hard
inslingeren op erg hoge golven, elkaar snel opvolgend,
recht op onze bakboordflank. Als 's nachts de wind wegvalt
is onze boot weer helemaal een wasmachine en zijn wij de
wasjes op 30 graden. 25 graden eigenlijk. 't Is koud aan
het worden.

Australië heeft wellicht de strengste douane-, immigratie-
en quarantainevereisten ter wereld. Eerst en vooral al dat
gedoe met die visa. En als dat niet in orde is 1000 dollar
per persoon.

Dan eist de douane van Australië dat we onze aankomst 96
uur op voorhand kenbaar maken. Met alle details over het
schip, crew en inhoud. Als je dat vergeet, of niet weet,
word je voor de rechter gesleept.

En dan zijn er ook nog bijzonder strenge regels over
'stoppen onderweg', vooraleer je in een officiële haven
bent ingeklaard. Je kan er boetes voor krijgen tot 50.000
dollar. Het kustgebied van Australië wordt constant
overvlogen door vliegtuigen van de douane. Meerdere keren
per dag kan een jacht gevraagd worden zijn doen en laten
kenbaar te maken. We zijn al benieuwd.

Quarantaine is nog een ander verhaal. Bijna alle
etenswaren aan boord worden afgenomen bij aankomst om
'pests and diseases' te vermijden. Dat maakt dus dat wij
hier tijdens onze oversteek de hele boot moeten leegeten,
en we hadden nog een dag of acht eten voorzien in plaats
van vijf en bij het leegmaken van de 'bilges' hebben we
nog 't een en 't ander ontdekt.. Brood maken we voorlopig
niet meer, omdat we teveel rijst mee hebben. We eten twee
keer per dag warm nu, en zowat elke twee uur één of ander
tussendoortje. Vandaag passeerden al puddingskes, chocolat
brownies, toastjes met paté en augurken, stokbrood met
brie, paëlla, fruitsla en pindanootjes. Straks eten we nog
spaghetti.

De golven zijn intussen dragelijk geworden en we zeilen
aan een aangenaam gezapig tempo recht op ons doel af.
Smakelijk.

maandag 25 oktober 2010

Op naar Australië !

Goed nieuws, visum van Haike is OK!

We vertrekken uit d haven van Noumea, en gaan nog een beetje rondhangen bij mooie eilandjes hier.

Van zodra we een goed “weatherwindow” hebben, steken we over naar Australie.

Posities zullen te volgen zijn onder “position”…

zaterdag 23 oktober 2010

Port Moselle, Noumea, Nieuw Caledonië

Noumea staat in schril contrast met wat we de laatste weken gezien hebben. Het is een grote en drukke stad, er liggen honderden yachten in verschillende plezierhaventjes, er zijn supermarkten, en auto’s rijden hard over de geasfalteerde wegen. We zijn in een moderne Franse stad. Het enige wat vreemd genoeg niet veranderd is, is het internet. Dat werkt hier ook niet.

De visa-aanvraag van Haïke zit muurvast. We gaan naar de Australische ambassade waar een vriendelijke vrouw ons niet kan helpen. We moeten via internet een aparte aanvraag doen voor de kinderen, dan een mail sturen en afwachten. Terwijl Haïke en de kinderen op uitstap gaan, ga ik naar de MacDonalds. Daar hebben ze het beste internet van de stad, hoor ik zeggen.

Quartermoon

Als ik de laptop openklap in de Mac en op het mcinternet ga en het paswoord mcchicken intik, verslik ik me bijna in mijn vettige mckoffie. Het bovenste mailtje dat ik binnenhaal heeft zo’n rood uitroepteken en is van Sammy en Mike van de Quartermoon. Het heeft als subject: “URGENT - QM lost rig”. Het mailtje was net verstuurd. Ze zijn onderweg naar hier, we verwachten ze vandaag.

Guys,

we are both ok but have dumped entire rig into the drink - FUCK!

Pls can you let coastguard / police etc know that we are expected in case anything goes worse? tried CH16 on handheld (no ship VHF anymore) and no response to pan pan - will keep trying.

we are at: 21.47.54 S 166. 46.35 E COG: 110M SOG: 5 knots for havannah pass. eta at pass @ 5pm. abt 35 nm out.

were beating in 19 knots when tie rod tore up thru deck so we have a hole but have stemmed leak with cushions - no need for assistance yet...

phone will stay on.

Hopefully see you soon, M n S.

Een mast verliezen is een nachtmerrie voor iedere zeiler. En dan nog eens een gat in de boot! Ik ren zo snel ik kan naar de lokale reddingsdienst en contacteer het Marine Rescue Coördination Centre van Noumea. Ik geef alle info door en vraag hen of ze Quartermoon willen bellen op hun satelliettelefoon. Dat doen ze onmiddellijk.

Een half uur nadat ze hun mail verstuurd hadden, hebben ze nu contact met de MRCC en zullen ze gemonitord worden tot ze veilig tot Port Moselle zijn gemotord. Gered door een mailtje… Ze moesten een mail sturen, omdat ze het landnummer niet konden vinden van Nieuw Caledonië. Dat stond in geen enkele gids die ze mee hadden aan boord…

De volgende middag komen Sammy en Mike toe in de jachthaven Port Moselle. Het is een triestig zicht om de Quartermoon te zien binnenvaren met een stompje mast. We vangen hun lijnen op aan het dok. Er wordt gehuild. Ze zijn er allebei niet goed van. Ook wij niet. Het doet pijn als je de droom van een ander ziet stuk gaan. Net op het einde, want Sammy en Mike waren bijna thuis, in Australië. Een nieuwe mast laten plaatsen duurt hier minstens twee maanden, en dan is het te laat om over te varen, vanwege het hurricaneseizoen.

Wat later zitten we op hun boot alles met hen mee te verwerken (met een fles rum). Ze doen uitgebreid hun verhaal. Mike lag net in zijn bed toen hij een geweldig gekraak hoorde. De aanhechting van de stuurboordstag was benedendeks losgekomen en  door het dek naar buiten geschoten. De mast viel met alle zeilen langs bakboordzijde in het water. Mike was erin geslaagd om binnen de drie minuten de dikke metalen stagen door te snijden. Dat was cruciaal, omdat een mast in het water door de golven een gat in de boot kan slaan. Hoe sneller die mast los is en naar de bodem zinkt, hoe veiliger. Mike gebruikte daarvoor een … Hup, ik heb het voor: enkel het Engelse woord kennen… Mike gebruikte daarvoor een “anglegrinder”.  “Une meuleuse” in het Frans. Hoe heet zo’n ding in het Nederlands? Een slijpschijf, denk ik. Een slijpschijf op batterijen met een dunne schijf erop om roestvrij staal door te snijden. Wij, en de meeste andere jachten, hebben een grote tang aan boord om stagen door te knippen. Ik heb dat ooit een keer geprobeerd, zo’n stag doorknippen, en weet dat het geweldig zwaar is. Een dag later ben ik ook zo’n slijpschijf op batterijen gaan kopen en ik ga het vanaf nu elke wereldzeiler aanraden. En als het niet van pas komt om stagen door te zagen, is het een uitstekende tool om een machete vlijmscherp mee te slijpen.

Soit, we zitten dus samen met de Go Beyond en de Ghost op de Quartermoon die fles rum leeg te zabberen.  Een paar uur later liggen we te gieren van het lachen met grappen als: 'you should change the name of your boat to Quartermast!"...

‘s Anderendaags zijn Sammy en Mike helemaal over hun shock heen en zijn ze al volop bezig met hun toekomstplannen.

Grande Terre

Het hoofdeiland van Nieuw Caledonië heet Grande Terre. We huren twee dagen een auto en gaan op pad. Schitterend, de natuur hier. Weer helemaal anders dan de andere eilanden in de Pacific. Nieuw Caledonië kreeg zijn naam omdat het aan Schotland (Caledonië) deed denken. Dat is echt zo. En soms leek het ook op Canada. Machtig!  En het is groot, dat eiland hier. Gisteren reden we meer dan 700 kilometer, en geraakten maar halverwege naar het noorden… Maar het was een prachtige tour.

Samenscholing

Het heeft iets speciaals, in Noumea liggen. Het is de laatste stop voor Australië, en dat betekent dat we veel bevriende boten zien, die ook liggen te wachten op het geschikte moment om over te steken. Het volgende weatherwindow dient zich ten vroegste volgende dinsdag aan. Gelukkig niet vroeger want Haike heeft haar visum nog altijd niet.

dinsdag 19 oktober 2010

Briefje van Flor aan Mika, onze hond

Dag Mika

Hoe gaat het met jou? Ik mis je wel veel. Speel je veel met Finn? Heb
je al een nieuwe Miss Piggy? Laat je soms nog scheetjes als je blaft?
Eet je de boterhammen van de tuinman nog op? En ben je veel verdikt?
Geeft Opa je veel lekkere dingen?

Nu ga ik stoppen.

Groetjes,

Flor

Brief van Ward aan Loetje en Bea, geschreven tijdens de tweede en derde dag van de oversteek van Vanuatu naar Nieuw Caledonië

Beste Loetje en Bea,

Vandaag (16/10/10) 2de dag van de oversteek van Vanuatu naar Nieuw
Caledonië. Land in zicht. Eindelijk na een hevige tocht maar toen we
een halve mijl van de haven van Lifou waren hadden we beslist verder
te gaan maar eerst sprongen Flor, mama en ik in het water om wat af te
koelen. Het was heerlijk en het was 2000 meter diep. Diep hé!? Voor de
rest nu nog een nachtje op de zee slapen en dan zullen we volgens de
berekeningen om 14 uur 's middags toekomen. Joepie.

17/10/10 Yes, we zijn er en er is hier een grote jachthaven met
superveel boten. Wel 200. Echt veel hé! Het was een lekkere hele hete
zon. We hebben de Moo in het water gelegd en nog even gezwommen. Dan
hebben we bezoek gekregen. 's Avonds zei papa dat het ging regenen
morgen.

18/10/10 En zo was het ook. Ik ben wakker geworden om 6 uur of zo en
het regende. Ik kan het weten want nu om 6u 's morgens zit ik jullie
een brief te schrijven!!! Voor de rest nog wat in mijn schetsboek
tekenen en dan wachten tot papa en mama wakker worden en we kunnen
eten. Grrrrrrrggggg. Oh, sorry, ik heb honger. Hahaha.
9u: Joepie we hebben pannenkoeken gebakken voor ontbijt en het was
super lekker. Flor, Sepke en ik hebben ze zelf gebakken en het was
SUPER !

Groetjes,

Ward.

Brief van Sepke aan Oma en Opa, geschreven tijdens de eerste dag van de oversteek van Vanuatu naar Nieuw Caledonië

Liefste Oma en Opa,

Ik heb je beloofd om een lange brief terug te schrijven en hier komt ie dan.

Deze ochtend om 5 uur zijn we vertrokken uit Vanuatu. Papa had
gisteren gezegd dat het tegen de wind in was en dat de golven van
vooraan gingen komen. Dus maakte ik alles vast in mijn kamer. Want als
ik dat 's ochtends moest doen was ik al direct zeeziek. Dus maakte
papa om 5 uur de boei los terwijl wij nog allemaal lagen te slapen.
Toen ik de motor hoorde starten wist ik dat we vertrokken naar
Nieuw-Caledonië. De motor bromde en A Small Nest vaarde uit. Zalig. Ik
werd weer wakker en de boot ging op en neer. Het was net een wieg,
maar toch kon ik niet meer slapen. Ik was benieuwd waar de jongens
waren. De jongens lagen buiten. En papa was ook wakker. Mama lag te
slapen. De jongens hadden genoeg buiten gezeten en gingen in hun kamer
nog wat slapen. Ik vroeg of ik mee mocht komen slapen en dat vonden ze
geen probleem. Ik legde me naast Ward en Flor lag naast Ward.
Gezellig. Mama was wakker geworden. En papa had de vislijn uit
gesmeten. Papa had zo zin in pannenkoeken en vroeg aan mama of ze
pannenkoeken wou bakken. Joepie!!! Mmmm! De pannenkoeken waren zeer
lekker.

Papa ging gaan lezen. Mama ging op de wacht staan en wat lezen. Ward
ging een film kijken met Flor. En ik las buiten mijn boek uit. Flor
had genoeg gekeken en ging gaan slapen. Hij was een beetje zeeziek.
Ward kwam buiten zitten. Ik had mijn boek uitgelezen en legde me effe
neer. In geval dat ik zou kunnen slapen. Ward viel na een tijdje in
slaap. En papa kon zijn slaap ook niet meer trotseren en viel ook in
een diepe slaap. Ik kon niet slapen en begon dus aan een nieuw boek.
Na een hele tijd werden papa, ward en flor wakker. Het was ondertussen
4 uur geworden. Mama haalde frambozen tevoorschijn en we aten ze
allemaal op. Mama had gezegd dat het een rustdag was en daarom mochten
we een film kijken. Je weet wel wat ik ga schrijven: we keken weer een
film. Na de film ging ik buiten aan het stuur zitten en keek hoe
schuin we gingen. Toen besefte ik dat we al gans de dag zo gingen en
ik was niet eens bang. Het was prachtig, de zon ging onder. Ik bleef
daar nog effe zitten en dacht toen: ik schrijf een brief naar Oma, Opa
en Mika. Mijn brief loopt nu ten einde. Ik vond het een lange maar
leuke dag.

Groetjes,

Sepke
XXX

PS: Ik weet al een volgende brief maar dat blijft nog een verrassing.
PPS: We hadden helaas geen vis beet.

zondag 17 oktober 2010

Noumea, Nieuw Caledonië

We zijn er. In Noumea. Nieuw Caledonië. De laatste stop vooraleer we Australië bereiken.

Uit Port Villa varen om 5 u ‘s morgens. De eerste halve dag rotgolven, scherp aan de wind varen. Daarna kunnen we halve wind, aan een pittig tempo, op vol tuig doorzeilen. Heerlijk. Champagnezeilen! We schuimen tussen de 7 en de 8 knopen door de Pacific.

We spelen tot de volgende middag kat en muis met de Noorse boot Go Beyond. Zij zijn iets minder lang dan onze boot, maar hebben wel een klapschroef, dus dat maakt het altijd spannend om tegen hen te zeilen. Het plan was om in Lifou te stoppen.

De Go Beyond heeft een persoonlijke Noorse weerman die hun passages in de gaten houdt. We zouden het nooit zelf doen, zo’n persoonlijke weerman nemen (en we zouden het ook nooit kunnen betalen), maar als je in de buurt van zo’n weerman-boot vaart, krijg je ineens ook de meest accurate weerinfo. Hoe stoer ik ook in yachtclubs aan de toog predikte: “You don’t need a weatherman to know which way the wind blows”, tegen alle weermanzeilers, moet ik nu eerlijk bekennen: het is lekker precies te weten wat je te wachten staat. Althans, als het gratis is. Nu, die Noorse weerman liet ons weten dat we beter konden doorvaren naar Noumea in plaats van te stoppen in Lifou.

Plannen veranderen met twee boten tezamen gaat iets minder vlot als je te maken hebt met beleefde Noren en beleefde Belgen die van plan zijn vrienden te blijven. Toen we in de baai van We (Lifou) aan het cirkelen waren, beslisten we om door te varen. Tijdens dat beslissingsproces kreeg de Go Beyond een ware yellow fin tuna aan de haak. Een grote. En omdat we gingen verder varen en die tonijn veel te groot was voor hun frigo, werd operatie “yellowfintuna van Go Beyond naar Small Nest” ingezet. Kwam erop neer om Haïke aan een touwtje achter onze boot te hangen, de Go Beyond dichter te laten varen naar Haïke aan het touwtje, de helft van de vis in een plastic zak naar Haïke te gooien en Haike en de vis dan gewoon terug binnen te halen op Small Nest met het touwtje. Wat we vergeten waren is dat Haïke bijna verdronk toen ze met één hand 3 kilo vis boven het water moest houden, met de  andere hand het touw moest vasthouden, er golven over haar sloegen en ze ondertussen ook nog eens moest zwemmen. Ze ging een paar keer onder. En ze riep iets. We hebben haar toen maar heel snel binnen getrokken aan dat gele touwtje. Ik was niet zeker of ze verkrampte of aangevallen werd door een haai of ander zeemonster. Ik trok zo hard aan het touw dat er iemand achter had kunnen waterskiën. Haïke ging meer onder dan ze boven water was, maar de vis heeft ze niet gelost. Een kwartiertje later zat ze nog wat zeewater uit te kuchen, maar was haar bijna-dood-ervaring verwerkt. We hebben er weer wat uit kunnen leren.

Even later cirkelden de dolfijnen rond onze boten. Niemand zal luidop zeggen dat je dan denkt dat die dieren er écht zijn om mensen te redden. Ze voelen het toch, denk ik. Ik zal het ook nooit zeggen. Maar heb het wel geschreven, haha.

Vroeger zouden we nooit de “rek” gehad hebben om na een geplande dag, nacht en halve dag zeiltocht er nog eens een volledige dag en nacht bij te doen, zonder de geplande tussenstop. Nu doen we dat gewoon. We zijn zeewezens. Bootmensen. Klutsende Nomaden. Vikings. De volgende 180 mijl verpulveren we wel.

Sea Level & Endless Summer

Het was zes uur ‘s morgens, de volgende dag. Ik deed m’n wacht en we kwamen dichter bij de pas om langs de zuidkant van Nieuw Caledonië binnen te varen. En plots hoor ik een conversatie op de radio. Tussen onze goeie vrienden van de Sea Level en de Endless Summer. We hadden Endless Summer al niet meer gezien sinds Bora Bora en de Sea Level sinds Tonga. Er werd wat afgegierd op de radio’s!  Jim schreeuwde zijn geluk door de radio. “Yeeeaaaaahhhhhhhhh Smaaaaaaaaaaaaaallllllllllllllllllll Nnnnnnnnnnnnnneeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeesssssssssssssssssssssstttttttttttttttttttt!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!! Yeahhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhhh!!!!!!!!!!! ”

En dat allemaal op kanaal 16, het noodkanaal, een paar minuten lang. Toen we overschakelden naar kanaal 14, bleef hij door het dolle heen door de radio schreeuwen. Wat een héérlijk weerzien. Toen ze langszij kwamen hebben we heel lang getoeterd. Héérlijk.

Zeven uur later zijn we met ons nieuw gevormd konvooi (Go Beyond, Sea Level, Enless Summer & wij) Port Moselle in Noumea binnengevaren. Ons anker lag 10 minuten op de grond en toen kwam het hele gezelschap aperitieven op onze boot.

Appelchampagne.

Ik heb er al teveel van op om te herinneren of ik op de blog al uitgelegd heb dat ik ondertussen (vraag het aan een ander, ik wil niet opscheppen,  maar voortreffelijke) appelcider kan maken. In Port Villa had ik 5 liter gebrouwen en die was net klaar en gekoeld. Er zijn zes volwassenen (Jim, Kent, Steve, Manjula, Mads en Elin) stiepelzat van onze boot gesukkeld. Eentje (ikke) moest zijn boot nog herankeren, want lag midden in het kanaal van de drukke haven van Port Moselle. Gelukkig drinkt Haïke niet (want die wordt agressief als ze gedronken heeft) (en voor de mensen die Haïke niet kennen: dat is een grapje want ze lust het niet), en konden we na drie pogingen een goed plekje vinden voor de nacht.

Die breekt nu aan. Slaapwel!

donderdag 14 oktober 2010

Port Vila, Efate, Vanuatu – 9 tot 15 oktober 2010

We liggen in de hoofdstad van Vanuatu. Een stuk minder primitief dan de andere dorpen die we bezochten in Tanna en Erromango. Hier is wel elektriciteit. Er staat een groot hotel, er is een jachthaven, ze hebben overal stenen huizen, er zijn supermarkten en bankautomaten.

Hier richten ze zich op de Australische en Nieuw-Zeelandse toeristen die op grote cruiseschepen aangevoerd en in het stadje uitgespuwd worden. Hier adverteert het ene immokantoor naast het andere grote ontwikkelingsprojecten. Ongerepte eilandjes en paradijselijke stranden zullen worden volgebouwd. Over vijf jaar zal het hier wellicht niet meer te herkennen zijn.

We hebben, gelukkig nog helemaal alleen, kunnen genieten van de mooiste watervallen die we ooit gezien hebben. De sjofele musea en tuinen hadden hun onprofessionele charme. We reden rond in oude busjes voor een dollar, …

La Nina

Veel zeilers blijven maar zeggen dat het een ‘El Nino’ jaar is. Dat is het niet. Het is een ‘La Nina’ jaar.  Ik leg het heel bondig en kort door de bocht uit voor de geïnteresseerden (anders schuingedrukte tekst gewoon skippen). ‘El Nino’ en ‘La Nina’ zijn weersystemen die ongeveer om de vier jaar plaatsvinden. Ze worden beiden veroorzaakt door de warme zeestromingen langs de westkust van Zuid Amerika. Als die zeestroming hard stroomt is het een El Nino jaar, als die heel zacht stroomt en zo  de Humboldt stroom vanuit Antartica kan overnemen, is het een La Nina jaar. Soit, om het kort te houden: beide systemen beïnvloeden het normale weer in de Pacific omdat de watertemperatuur verschilt met wat normaal is. Het effect is dat in een El Nino jaar de winden veel gematigder zijn, in een El Nina jaar kunnen ze veel sterker zijn dan normaal. Maar in beide gevallen begint het hurricaneseizoen vroeger. In een ‘El Nino’ jaar is het water warmer rond de evenaar, in een ‘La Nina’ jaar is het  warme water veel zuidelijker gesitueerd…  Op dit moment zijn de temperaturen van het oppervlaktewater van de Pacific rond de evenaar 25 graden, dat is zo’n 4 graden koeler dan normaal. En hier in deze streek is het warmere water dan normaal blijven hangen. En, als er zoveel warm water veel zuidelijker gecentreerd ligt, is de kans veel groter dat er cyclonen ontstaan. Om maar te zeggen: we mogen dit jaar niet te lang in de Pacific blijven hangen als we niet in een hurricane willen belanden. 15 November is de ‘normale’ weer-deadline om in Australië te zijn. We gaan er twee weken vroeger proberen te zijn. Volgende week worden hier in Port Vila de aanlegboeien afgezonken, omdat ze geen jachten meer verwachten. Het geeft ons allemaal een gevoel van op het nippertje te leven (maar we zijn nog mooi op schema, mama).

Naar Nieuw-Caledonië

Morgenvroeg vertrekken we naar Nieuw Caledonië. Van hieruit is dat bijna pal naar het zuiden, dus verwachten we scherp aan de wind te moeten hakken. We plannen een tussenstop op het eiland Lifou, 200 mijl van hier en een deel van de Loyality Islands dat weer een deel is van Nieuw Caledonië. Nieuw Caledonië is dan weer een deel (kolonie) van Frankrijk, dus er wachten ons lekkere kazen, stokbroden en wijn.

Na een weekendje Lifou varen we verder naar de hoofdstad Noumea.

En daar maken we ons dus klaar om onze laatste grote oversteek  (naar Australië) te maken en het tweede grote hoofdstuk ‘De Pacific’ van onze reis af te sluiten.

Nog 1 ding waar bij ons wat stress over bestaat. Onze visa-aanvragen voor Australië. Waar het maar een week duurde om goedkeuring te krijgen voor mijn visa, blijkt er een probleem te zijn met de visa voor Haïke en de kinderen. We hopen het snel opgelost te krijgen in de Australische ambassade van Noumea. Anders kunnen we niet naar kangoeroeland…

dinsdag 12 oktober 2010

Dillon’s Bay, Erromango, Vanuatu – 5 tot 8 oktober 2010

Het is een dagje varen van Tanna naar Erromango. We vertrekken om 6u ‘s morgens, hebben in het begin een ruige zee, maar hoe dichter we bij Erromango komen, hoe rustiger de zee weer wordt.

Om 16u ankeren we in het platte water van de beruchte Dillons Bay. Hier ging de missionaris John Williams in 1839 nietsvermoedend en met niets anders dan goeie bedoelingen en een bijbel aan land. Wat hij niet wist was dat een paar blanke voorgangers het daar eerder te bont hadden gemaakt (Cpt Cook en Peter Dillon). John Williams stapte uit zijn bootje op precies hetzelfde plaatsje waar wij nu ook  aan land gingen. De chief waarschuwde hem dat als de blanke man één stap over een streep in het keienstrand zou zetten, ze hem een kopje kleiner gingen maken. John Williams begreep het niet goed en kwam een beetje dichter om zijn bijbel te tonen. De lokalen hebben hem op het strand de kop ingeslagen, daarna stroomopwaarts meegenomen naar een grote steen, waar ze eerst zijn afmetingen genomen hebben (de inkervingen op de rots zijn nu nog te zien), hem dan in stukken gehakt, gekookt en opgegeten.

Toen tijdens hun feestmaal één van de dorpsbewoners door die bijbel bladerde, kregen ze door dat ze zich vergist hadden. Het half uurtje dat John Williams levend op Dillons Bay was, is nu nog steeds een belangrijke gebeurtenis in de geschiedenis van Erromango. Nu noemen de dorpsbewoners hun baai liever Williams Bay, en willen ze de naam veranderd hebben.

Wij worden een stuk hartelijker ontvangen, en het is ook geruststellend te weten dat ze hier sinds 1969 met kannibalisme gestopt zijn. Een oud mannetje waarmee ik twee dagen later aan de praat geraak, herinnert het zich nog, en kijkt me met fonkeloogjes aan. “We called the white people ‘longpigs’”, lacht hij.

De enige andere boot in de baai is de Go Beyond, met de gekke Noor Mads en zijn lieve vrouw Elin. Mads was een autodealer in Noorwegen (Landrover), en dat komt hier goed van pas. De jeep van het dorp werkt niet meer nadat ze de versnellingsbak veranderd hebben. Mads bekijkt het probleem en lost het binnen de vijf minuten op. Het was iets simpels (het versnellingspookje voor 2- of 4-wielaandrijving stond in neutraal), maar de dorpelingen juichen hem toe als hij een toertje met de 4x4 rijdt. Later vragen ze aan hun nieuwe blanke techniek God  om ook een grasmaaier en een generator te herstellen. Het lukt Mads (zelf zegt hij dat hij telkens geweldig geluk heeft en dat het een onnozel probleempje was). Maar hij is de held van het dorp. Geweldig geestig.

Erromango is rijk aan ‘Sandelwood’ of sandelhout, een bepaalde boomsoort die voor zijn parfum bijzonder gegeerd en kostbaar is. Henry is onze gids en toont ons verschillende sandelhoutbomen. De boom kan ‘geoogst’ worden als hij 13 jaar oud is, en is dan zo’n 25 dollar per kilo waard. Het wordt hier continu gekweekt.

Tijdens onze wandeling zien we de vrouwen de was doen in de rivier. Tussen de koeien. Eigenlijk worden we opnieuw overladen door zovele indrukken, dat er geen beginnen aan is om ze te beschrijven.

Als we in een kweektuin van sandelhoutplantjes staan, krijgt Sepke weer een appelflauwte. We dragen haar tot onder een boom, en wat later is ze de attractie van het dorp. Er worden bananen en kokosnoten aangedragen om haar suikers en kokos sap te geven.

‘s Anderendaags viert het dorpje feest. Een soort ‘nationale feestdag’ voor Erromango. Of we aub willen komen. We weten nog niet goed hoe laat. Vanuatu time, you know. Als je lawaai hoort, kom dan maar af.

Om 11u staan we op het grote dorpsplein, zien een ceremonie (kinderen zingen volksliederen terwijl de nationale en provinciale vlaggen worden gehesen). De hoge raad van het dorp (de chief, de verpleger, de priester, de penningmeester en de vertegenwoordigster van de vrouwen) vindt het belangrijk dat we aanwezig zijn. In al hun speeches worden we speciaal aangesproken en we worden mee uitgenodigd om met hen aan tafel te gaan (gewoon bij elkaar op de grond onder de grote boom).

Het is een bijzonder fijne dag. Sepke maakt het rieten tasje af, dat ze in Tanna met Lea begonnen was, met de hulp van de lokale dames. Haïke is de favoriet van drie oude ventjes die enkel Bislama praten, en zich bij elke poging tot conversatie een kriek lachen. De jongens ravotten met de andere jongens, en als wat later in de namiddag de enige televisie in het dorp aangezet wordt, schenken we tot groot jolijt van alle kinderen in het dorp een dvd van Tom & Jerry. De volwassenen die onder de boom van het dorpsplein zitten, moeten telkens lachen als ze de schaterlach van de kinderen horen die in de gemeenschappelijke hut naar de filmpjes kijken.

Later die dag landt er een helikopter op het plein. Het is een privéhelikopter die door de regering van Vanuatu is ingehuurd om deel te nemen aan een search & rescue operatie. Er is de dag voordien een kleine sloep met 13 mensen van Tanna omgeslagen, midden in zee. Tussen Tanna en Aniwa. Vijf jongens konden al zwemmend de kust bereiken. We horen later dat onze goeie vrienden van Sea Level en de Endless Summer de reddingsactie op touw hebben gezet, vanuit Port Resolution. Ze hebben drie mensen uit het water kunnen halen en redden. Vier anderen werden jammer genoeg niet teruggevonden… Als er een degelijke zeereddingsdienst of een rescue coördinatiecentrum in Vanuatu zou zijn, was dit wellicht allemaal niet hoeven gebeuren. We horen van de boten die in de reddingsactie betrokken waren, dat ze niet konden communiceren met de helikopter (die had geen marifoon aan boord) en dat het marineschip van Vanuatu er maar een beetje doelloos tussen voer. Het marineschip kon ook geen drenkelingen aan boord hijsen. Ze moesten daarvoor de hulp inroepen van de Sea Level… Gelukkig nam Steve van de Endless Summer de touwtjes in handen en coördineerde de hele operatie.

Maar dat hoorden we dus allemaal pas later, als we eenmaal in Port Villa waren aangekomen.

Het was een hartelijk afscheid van Erromango. ‘s Avonds na het feest vertrekken we richting Port Villa. Een nachtje varen.